Reisverslagen
logo

Johan de Boose - Polen 2006

Verslag van de eerste literaire reis naar Polen door Peter Sijnke.

Impressies van een indrukwekkende literaire reis door Polen


In mei 2006 ging de reis naar Polen. Centraal daarbij stond de Vlaamse auteur Johan de Boose, die het boek Alle dromen van de wereld. Een sentimentele reis door Polen (Meulenhoff, 2004) schreef, dat de 15 deelnemers vooraf toegezonden kregen. Johan is gepromoveerd in de Slavische talen en verbleef meerdere malen in Polen. Hij was onze literaire leidsman, terwijl Sven Standhardt onze eigenlijke reisleider namens SRC was. Sven is eveneens Slavist en bovendien priester van de Russisch-orthodoxe Kerk. Met zulke reisleiders en initiatiefneemster Gelly in ons midden kon er natuurlijk niets misgaan.
De vertrekdatum was zaterdag 29 april. We vlogen vanaf Schiphol met de Poolse luchtvaartmaatschappij LOT naar het vliegveld van Warschau. Na het inchecken in ons Novotel hotel, waar een enorme groep Joodse kinderen van all over the world verbleef, die een congres in Warschau bijwoonden, vond o.l.v. Johan een eerste verkenning van de stad plaats.

‘s Avonds voegde Sven, die nog een dienst in Leer had moeten leiden, zich bij ons. Warschau is een echte wereldstad, een stad die in rap tempo van aanzien verandert door de vele hoogbouw die in het centrum verrijst.

Nobelprijs

We bekeken zowel het oude als het nieuwe Warschau. Het oude, zoals een prachtig park met achttiende-eeuws koninklijk slot. Zwaar gerestaureerd, zoals heel veel in Warschau. Immers, de stad werd voor meer dan tachtig procent verwoest tijdens de Tweede Wereldoorlog. We bezichtigden ook het gereconstrueerde en heringerichte Koninklijk Paleis. En het nieuwe met de 'suikertaart' van Stalin uit de jaren vijftig, maar ook de plek waar het getto zich bevond, met de Umslagplatz, vanwaar 300.000 Poolse joden naar de vernietigingskampen werden weggevoerd, en het ondergrondse Centraal Station.
In de Poolse hoofdstad Warschau stond literair gezien vooral het werk van Nobelprijswinnaar Czeslaw Milosz centraal, waarover Johan de eerste avond vertelde.


In de middag van de eerste mei vertrokken we van de miljoenenstad Warschau naar het 'stadje' Lublin (toch nog goed voor 300.000 inwoners en twee universiteiten), niet ver van de grenzen met Oekraïne en Wit-Rusland. Een oude stad met een fraai, sfeervol centrum. Johan vertelde daar over en las voor uit het werk van Bruno Schulz, Witold Gombrowicz, Stanislaw Ignacy Witkiewicz en natuurlijk de naar de VS geëmigreerde Nobelprijswinnaar Isaac Bashevis Singer, die de stad vereeuwigde in zijn boek De duizendkunstenaar van Lublin (The magician of Lublin). Bovendien las Johan zijn eigen gedichten voor (om over het meisje van Yde in een Poolse hotellobby te horen was bijzonder).

Joods

Hoewel Polen een heel katholiek land is, met vele prachtige kerken, zijn er gelukkig toch nog veel sporen van het Joodse en Jiddische leven terug te vinden. Het lijkt er zelfs op dat de Joodse cultuur weer opleeft, zowel in Lublin als elders. We aten er in een Joods restaurant. Lublin vond ik persoonlijk het indrukwekkendst omdat er nog niet zo veel toerisme is, zoals in Krakau, en omdat het prachtige, soms mooi vervallen huizen in aarde- en okertinten kent. We verbleven er twee dagen, verkenden de stad en het kasteel en vertrokken daarna per bus naar Krakau.

Wodka

Op 3 mei, de nationale feestdag en de verjaardag van Johan en ondergetekende. Dat hebben we uiteraard met Poolse wodka (heel lekker is de Zubrówka, met grasspriet, uit een “oerbos” in Oost-Polen, de smaak zou zo bijzonder zijn vanwege het feit dat de in het bos aanwezige buffels op het gras plassen!) gevierd. Aan deze busreis bewaren de deelnemers overigens bijzondere herinneringen, vanwege een niet geplande stop bij het dorpje Szewce.

Zuurkool

’s Avonds kwamen we in Krakau (Kraków) aan. Een grote levendige stad (inclusief voorsteden zo’n 1,2 miljoen inwoners). Een heel oude èn een heel jonge stad, vanwege de vele studenten. Eén van de oudste universiteitssteden van Europa. We doorkruisten de stad (met zijn “koningsweg” - net als Warschau; de Poolse koningen hadden aanvankelijk Krakau als zetel - en zijn beschermde binnenstad, staat op de Wereld Erfgoedlijst van Unesco) en bezochten natuurlijk de Mariakerk (met het grote drieluik van Veit Stoss, dat ieder dag tegen 12.00 uur wordt opengezet).
Een mooie stad, maar heel toeristisch. Uiteraard togen we naar de hoog gelegen burg de Wawel, met bijbehorende kerk. Alweer een Nobelprijswinnaar stond hier centraal: Wislawa Szymborska, die er ook woont. Johan las op de avond van de derde mei gedichten van haar voor in een kelderrestaurant (één van de vele), met traditionele Poolse kost als zuurkool en rode bieten (soep).

 

Kasimierz

Op de laatste avond droeg Johan gedichten van eigen hand voor in een dependance van ons smaakvolle hotel (Fortuna). De laatste dag (vrijdag 5 mei) stond de wijk Kasimierz, genoemd naar de Poolse koning die joden uitnodigde zich nabij Krakau te vestigen, op het programma. Bijna alle 64.000 inwoners werden door de Nazi’s vermoord, maar ook hier leeft het joodse leven weer op. Inmiddels wonen er weer zo’n 7.000 Poolse joden, wordt de wijk opgeknapt en komen er weer joodse winkels en restaurants. Nog een bezoekje aan het graf van Milosz (zijn begrafenis in 2004 bracht duizenden mensen op de been) en het was al weer bijna tijd om naar huis te gaan.


Een binnenlandse vlucht van LOT bracht ons naar Warschau, vanwaar met dezelfde maatschappij de thuisreis werd aanvaard. Johan reisde naar Moskou, om vandaar met de Trans Siberië Expres naar Wladiwostok te vertrekken.
Al met al een indrukwekkende reis, waarin geschiedenis, kunst en literatuur hand in hand gingen en waarbij de samenwerking tussen Johan, Sven en Gelly voor bijzondere momenten zorgde. Een reis die de deelnemers geestelijk verrijkte.
Kortom, een reis om niet snel te vergeten.

Peter Sijnke

Foto's door Gelly Talsma

We zijn begonnen

 

en het is alsof
we begonnen zijn
met kruipen

het lopen lijkt veraf
maar we zijn jong
we nemen de tijd

we proberen
we pakken de handen

we lopen
zo lang het kan

tussen onze ouders in
drie silhouetten

één schaduw
op het pad

bij de zee
aangekomen
staan we alleen

betekent
het niets

roepen we

kom terug


Tsead Bruinja 2008